Elke landbeheerder zou over een basisinformatie moeten beschikken over het statuut van zijn percelen. Anders kan hij geen beslissing nemen over plannen en vergunningen of vragen in hun context plaatsen.

 

Ruimtelijke ordening

  1. De bestemming van de percelen op het gewestplan of bij een RUP en zo ook de eventuele zonevreemdheid of het statuut ‘kwetsbaar gebied’ ervan. Kaart gewestplan
  2. De stand van de AGNAS afbakening in de regio en de visie in de subregio.
    Het actieplan voor de gewestelijke RUP’s en de lopende RUP’s.
  3. Het Gemeentelijk Structuurplan en de mogelijke gemeentelijke RUP’s en hun voorschriften op gemeentelijk niveau (zie de website van de gemeente).

 

Bos en natuur

  1. In welk natuurgebonden gebieden de percelen eventueel gelegen zijn om de rechten en plichten te kennen volgens de sectorale regels hierboven beschreven? De VEN kaart.
  2. Zijn er Vlaamse voorkooprechten?
  3. Zijn de percelen in SBZ gelegen en zal er later een NRP komen in de streek en moet dus het Natura 2000 proces gevolgd worden (punt 322)? Kaart Natura 2000.
    De biologische waarderingskaart van de percelen raadplegen.
  4. Desgevallend een eenvoudig of uitgebreid bosbeheerplan opstellen (punt 213) en gebruik maken van het subsidiesysteem (punt 231) met aandacht voor de vrijstelling van de successie- en schenkingsrechten.
  5. Liefst deelnemen aan de gemeentelijke Minaraad of Gecoro en, eventueel, aan deze op provinciaal of gewestelijk niveau in overleg met de organisatie.
  6. Zich aansluiten bij de lokale bosgroep en contact hebben met de coördinator ervan, met de mensen van het Regionaal Landschap en met debeleidsadviseurs van ANB en desgevallend die van ‘Ruimte en Erfgoed’.

Water en projecten

  1. Zijn de percelen gelegen:
  1. Als er een project bestaat in de buurt kan de landbeheerder best deelnemen aan het lokaal overleg met het MER-rapport.
  2. Deelnemen aan de activiteiten van de Polders en Wateringen.
  3. Kennis nemen met de (zelfs niet meer toegankelijke) buurtwegen die de plaats doorkruisen en de mogelijke lokale plannen op dat gebied (zie punt 530) (Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen, Antwerpen, Limburg, Vlaams-Brabant).

Erfgoed

  1. Zijn de gronden opgenomen: in het landschapsatlas?

 

Landbouw en Platteland

  1. Wat is het statuut van de verpachte gronden?
    Wat is hun statuut in de nulbemesting (zie punt 420)?
    Zijn er lokale aankoopacties van de grondenbank (zie punt 432)?
    Wat is het beheer van de KLE’s en wat zijn de beheerovereenkomsten van de betrokken pachters (zie bijlage 2)?
  2. Zijn er lokale initiatieven voor ‘LEADER’ projecten in de streek? Zijn de IPO thema’s interessant?

Kaarten

  1. Een groot aantal kaarten (gratis en betaalbaar) in diverse sectoren.

Solidariteit

  1. Zich aansluiten bij een vereniging van landeigenaars en de werking ervan volgen en, beter nog, deelnemen aan de acties. Hiervoor regelmatig de website www.landelijk.vlaanderen raadplegen voor informatie, activiteiten, cursussen, wetgeving en de aanpassingen van deze handleiding, alle nuttige links en standpunten.

De diensten op gebied van digitalisering van de kaarten en overdrukken gebruiken.

En het lidgeld betalen …

Complex? Eenvoudig? Good luck!